HUGO KAAGMAN  STENCIL KING
Parool, augustus 1983 NEEM de metro naar het waterlooplein, loop naar boven via de uitgang Amstelstraat en je staat oog in oog met een openluchtmuseum. Rechts om de hoek loopt de 'schutkunst', zoals Hugo Kaagman het noemt, nog lang door. Ongeveer honderd meter schuttingen, met een oppervlakte van 244 m2, heeft.  Hugo Kaagman (28) volgeschilderd met spuitbus en electrisch spuitpenseel, waarmee hij een collage van de moderne maatchappij heeft geschapen. Achter de schuttingen verrijst nieuwbouw.  Honderden ideeën heeft Kaagman verwerkt in de schilderingen op de schutting: De voor- en nadelen van de electronische revolutie, met de slogan: 'werklozen aller landen amuseert u'; springende tijgers, verwijzen naar de tegenover gelegen halte voor de tram naar Artis. Collages van werken van Rembrandt en Escher en molens, melkmeisjes en Amsterdamse bruggen zijn bedoeld voor de toeristen, die als toegift ook nog keurig met borden worden verwezen naar het nabijgelegen Rembrandthuis. Portretten van plaatseljjke, nationale en internationale beroemdheden - behalve Ed van Thijn. Kaagman is nog op zoek naar een geschikt portret van Amsterdams burgemeester. Van zo'n portret, en talloze andere afbeeldingen. snijdt Kaagman sjablonen, die hij vervolgens tegen de schuttingplaat drukt om ze vervolgens met spuitbus en electrisch penseel te lijf te gaan. Hij schat ongeveer 2000 sjablonen in huis te hebben. Voor de schutting heeft hij er 500 gebruikt, of misschien wel duizend." Kaagman is graffiti-kunstenaar - en om mede-spuitbuskunstenaars een kans te geven heeft hij sommige stukken op de schutting witgelaten. Overspuiten van zijn werk is verboden. "Maar dat doen graffiti-artiesten niet. “Die respecteren elkaar” zeg hij. Een paar weken geleden, toen Hugo Kaagman bezig was de houten platen op de schutting te timmeren greep de Amsterdamse politie hem in zijn kraag. Ten onrechte veronderstelde de politie dat het om een wilde kladderaar ging. Niets is minder waar. Het schutkunstwerk is gemaakt in opdracht van wijkcentrum d'Oude Stadt, de materiaalkosten zijn voor rekening van het ministerie vancultuur. De komende weken wordt het werk voltooid waarna. het nog twee jaar blijft staan.
Hugo Kaagmans schut-kunst staat op straat door Reinout Koperdraat, de Waarheid, augustus 1983      Al geruime tijd zijn tegenover de Stopera-bouwput in de Amsterdamse Nieuwe Amstelstraat fel beschilderde schuttingen te zien. Vorige week is de laatste verfstreek daar neergezet door het project "Schut-dingen en omlopen" van beeldend kunstenaar Hugo Kaagman. De schuttingen, die ook bij de metro-ingang achter de synagoge geplaatst zijn, vallen niet alleen Amsterdammers op. "Ze liggen precies middenin de toeristische route, tussen Artis, Rembrandthuis en de Waterloopleinmarkt, dus je moet er wel langs"' zegt Hugo Kaagman, die de vele zebra- en andere grafische motie-ven op zijn naam heeft staan. We bezoeken zijn huis in het gekraakte "Zebrapand" aan de Sarphatistraat. De voorgevel is al in dezelfde zwart-witte zebramotieven uitgedost, evenals trappenhuis, binnenmuren en zijn eigen blouse.Zijn schuttingen zijn van 'n tijdelijk karakter, om het in gemeentelijk jargon uit te drukken. "Eind 1985 moet het allemaal weer weg zijn", zegt Kaagman, die zijn project geheel belangeloos uitvoerde met ondersteuning van wijkcentrum d'Oude Stadt en de buurtgroep Amstelstraat. d'Oude Stadt financierde  zijn materiaalkosten, "dus toch nog 'n soort indirecte subsidie". Nodig   Hugo Kaagman: "Die groepen hebben de zaak geregeld. Ze hebben destijds gevochten om daar woningen te krijgen. Het was een gebied dat er heel onbestemd bij lag. Al die toeristen die door het zand liepen en vroegen " where is the fleemarket?", omdat ze - logisch - niets begrepen van het oude, versus het nieuwe Waterlooplein. Er was op die plek hardstikke kunst nodig." Hugo Kaagman heeft twee jaar bij de gemeente lopen zoeken naarmuren om te kunnen werken, maar eventuele mogelijkheden die zich voordeden ketsten steeds af op allerlei gemeentelijke regelingen. "Op de bureaucratie. Ik heb in m'n eentje veel potentieel om groot te werken, op grote vlakken, die oneindig kunnen dóórlopen. Want die mogelijkheid biedt de techniek van collage. Ik werk tot nu toe vrij punky en underground." Het liefst zou hij op stenen muren schilderen. Kaagman:"Of op de tram, de haltes, en de metro-ingang. Artis wil mijn verzoek voor de beschildering van een tram wel steunen. Maar ja, dat kost 50.000 gulden per jaar aan huur voor het gemeentelijk vervoersbedrijf. Da's het probleem. Voor 5000 zou ik het wel willen doen.Over mijn idee voor de haltes is op een gegeven moment ruzie ontstaan bij de gemeente. En voor de metro-ingang heb ik van de gemeente toestemming gekregen. Als het maar wordt betimmerd. Want ja, het tijdelijke karakter staat uiteindelijk toch weer voorop he." Straat   Hugo Kaagman wil met zijn decoratieproject een bijdrage leveren aan het culturele leven door dat op de straat te brengen. Dat zou volgens hem veel meer moeten gebeuren. Hij werd eerder tot tweemaal toe bij de BKR afgewezen op volstrekt duistere gronden, die hun oorzaak vinden in ambtelijke willekeur. Hij hoopt van zijn straatkunst uiteindelijk zijn werk te maken, om van te leven. "We hadden twee jaar geleden een wat chaotische organisatie van allerlei soorten kunstenaars, dat het Zebra-collectief heette. Dat viel toen een keer uiteen, omdat ieder 'n beetje weer zijn eigen weg ging. Wat er van over is ben ik eigenlijk, omdat het zebra-motief van mij komt! " lacht hij."Je moet niet verwarren: het gele gedeelte van de schuttingen aan de Nieuwe Amstelstraat is niet van mij. Dat is van de mensen van De Pleinwerker, waarmee ik natuurlijk wel te maken heb. Maar mijn stijl is eigenlijk wat je noemt psychedelisch, spuitschilderen met sjablonen." Motieven   Hij maakt daarmee structuren, zodanig dat men zich in die structuren zelf waant, in plaats van tussen de muren en vlakken die een ruimte omgeven. Die structuren doen sterk denken aan Perzische moskeeën of Moorse bouwwerken. Hier en daar doet het ook sterk aan Esscher denken. Kaagman: "Mijn werk is sterk geïnspireerd door Marokkaanse motieven, die ik daar opgezocht, en uitgebreid bestudeerd heb. Esscher deed precies hetzelfde, die begon ook in Marokko, feitelijk. Die enorme variëteit aan motieven die je daar ziet komt voort uit het feit dat ze daar geen mensenfiguren mogen uitbeelden. Esscher zette die motieven op houtsnedes, ik op fotokopieên: Dat gaat wel honderd keer sneller! "Hugo Kaagman beweegt zich al jaren in het zogenaamde alternatieve circuit, ondermeer via de voormalige galerie Anus, die hij samen met zijn vriendin, de dichteres Diana Ozon, runde. Ook is hij met Diana Ozon actief in galerie Koekrand en het landelijke punk- en reggaeblad  de Koekkrant geweest. Reacties   Wanneer je de "schut-dingen en omlopen" aan de Nieuwe Amstelstraat iets nauwkeurigér bekijkt, vallen ook op die plek enige gedichten van Diana Ozon te lezen. Hugo Kaagman: "Ik hoop dat deze kunstvorm zich uitbreidt tot over de hele stad, als 'n soort bezienswaardigheid op zich, Niet als een vorm van vlakvulling. Binnen de officiële kunstwereld, de incrowd, wordt mijn manier van werken van geen kanten geaccepteerd. Dat kan je verwachten. Maar op straat krijgen we steeds meer waardering en positieve reacties op hetgeen we aan het doen zijn". 
De tentoonstelling focuste op de jaren ’70 en ’80 en liet zien hoe bekende Amsterdamse graffitikunstenaars zwerden beïnvloed door Amerikaanse . Naast topstukken uit collecties van privé-verzamelaars en het Museum of the City of New York werden ook persoonlijke bezittingen van graffitikunstenaars getoond, waar­onder schetsboeken, kledingstukken en foto’s uit eigen archief. Op deze manier werd de ontwikkeling duidelijk van graffiti als straatfenomeen naar geaccepteerde kunststroming. 'Graffiti. New York meets the Dam' liet daarnaast zien hoe dertig jaar geleden een jonge generatie het straatbeeld veranderde waarvan de invloed nog altijd merkbaar is binnen muziek, mode en onze hedendaagse beeldcultuur.
Van 18 september 2015 tot en met 24 januari 2016
Photo by Ed van der Elsken 1983
Photo by Ed van der Elsken 1983