HUGO KAAGMAN  STENCIL KING
Haarlems Dagblad, 20-5-2014 Door Arthur de Mijttenaere In de jaren zeventig maakte hij als twintiger in Haarlem zijn eerste stappen als kunstenaar, in 2014 staat zijn werk zelfs geëxposeerd in China. Hugo Kaagman is een succesvol kunstenaar met een oeuvre dat heel veel mensen zonder het te weten kennen. ,,Ik ben de stencilking van Nederland’’, zegt hij zonder bescheidenheid. HAARLEM - In de jaren zeventig maakte hij als twintiger in Haarlem zijn eerste stappen als kunstenaar, in 2014 staat zijn werk zelfs geëxposeerd in China. Hugo Kaagman is een succesvol kunstenaar met een oeuvre dat heel veel mensen zonder het te weten kennen. ,,Ik ben de stencilking van Nederland’’, zegt hij zonder bescheidenheid. 'Er is een stelregel: wat je maakt moet mooier zijn dan wat er staat’ Hugo Kaagman bruist van energie. Op dit moment hult hij de fabriekshal van het bedrijf Bootzeil in Delfts blauw, sinds begin jaren negentig zijn handelsmerk als graffitiartiest. In zijn Amsterdamse atelier snijdt hij schablonen, die hij op locatie met olieverf dichtspuit. Op het eerste oog een eenvoudige techniek, totdat je ziet hoe ongelooflijk minutieus de schablonen zijn uitgesneden. Niet alles is in een keer klaar. Bij de voordeur zit een afbeelding van Cochita Wurst maar Kaagman is er niet helemaal tevreden over. ,,Conchita doe ik overnieuw. Ik zag een foto van die man in de krant en dacht meteen: hé, dat is Jezus.’’ Doorreis Veel reizigers op Schiphol zullen zijn werk kennen doordat er in Terminal West een hele wand in zijn Delfts blauw is gespoten vanuit de gedachte dat het vooral mensen op doorreis zijn die erlangs zullen lopen. ,,Zien ze toch wat van Holland’’, zegt Kaagman. Andere grote projecten zijn de Rai Stationshal of het gebouw Stadshaard in Enschede, wat het overigens in een verkiezing ook schopte tot ’lelijkste gebouw van Nederland’. De opdracht voor Schiphol betekende een doorbraak, want ook mocht hij van British Airways negentien staartstukken van vliegtuigen met zijn kunst verfraaien. Niet altijd is zijn graffitikunst bestemd voor de eeuwigheid, heeft hij moeten constateren. ,,Jammer genoeg is daar later weer de Britse vlag overheen gespoten.’’ Punk Kaagman begon met kunst in de jaren zeventig. Als 22-jarige ging hij mee in de tijd van de punk en van negatieve vooruitzichten voor jongeren, wat zich uitte in de muziek en in de kunst. ,,We maakten punkblaadjes, No future. Do it yourself, was het motto. Je hoefde niet naar muziekschool. Pak een gitaar en ga in een bandje zitten. Voor mij gold dat ook: ik hoefde niet naar de kunstacademie om kunst te maken. Ik heb er ook nooit op gezeten. Wel op lesgegeven, trouwens, ha ha.’’ Veel generatiegenoten uit die punktijd is het slecht vergaan. Kaagman kent de nodige Alzheimerpatiënten die hun hersens kapot hebben gedronken maar met drugs en drank heeft hij altijd rustig aan gedaan. Een bekende graffitispuiter uit de vroege jaren tachtig was Dr. Rat, die heel wat Amsterdamse huiseigenaren hoofdbrekens heeft bezorgd met zijn ongevraagde handgespoten beeltenissen. Overdosis door harddrugs, vat Kaagman het einde samen van deze generatiegenoot. Wat over mensen die graffiti op een blanke muur niet mooi vinden? ,,Er is een stelregel: wat je maakt moet mooier zijn dan wat er staat.’’ Levendig In Nederland lijkt het stil met graffitikunst maar anno nu is de kunstvorm in Europa nog heel levendig. De grootste en mooiste dingen gebeuren in het buitenland, zegt Kaagman. In Amerika werd graffiti wereldberoemde kunst door Keith Haring, die door zijn allergrootste fan Madonna de hemel in werd geprezen. In Engeland is het de graffiti-kunstenaar Bangksy die dankzij internet ’heel groot is geworden’. Kaagman is een groot fan van hem. ,,Banksy kan alles bereiken. Er was in Engeland een jeugdcentrum dat moest sluiten. Banksy heeft een deur van dat buurthuis bespoten met graffiti en die is uitgezaagd en verkocht voor drie ton. Was het buurthuis meteen gered, zo zie je wat kunst kan doen.’’ ,,In de jaren tachtig was Nederland het hipst, er was hier de meeste graffiti. Maar echt serieus is het nooit genomen, ik was altijd die kliederaar met dat viltstiftje. Alleen Wim Beeren en Frans Haks, twee museumdirecteuren die nu allebei dood zijn, namen het serieus. Er hangt hier een sfeer van repressiviteit.’’ Opmerkingen In de Waarderpolder leidt zijn werk in elk geval tot bewonderende blikken en veel opmerkingen: ,,Een arbeider zei: ik vind alles mooi, maar je moet die Chinees eraf halen.’’ Met de Chinees maakt Hugo de cirkel rond, want het Delfts blauwe porselein is in de zestiende eeuw ooit ontstaan als antwoord op het veel duurdere Chinese porselein. Graffitikunstenaar Hugo Kaagman wil expositie in Haarlemse Vleeshal Door Arthur de Mijttenaere - 20-5-2014   Hugo Kaagman verfraait nu gevel van fabriekspand in Waarderpolder met zijn Delfts blauwe graffiti. 'Ik hou al vijf decennia lang m’n vinger aan de pols van de tijdgeest'  De man van wie nu een keramiektentoonstelling loopt in de Chinese stad Donghuan (vlak bij Hongkong) wil een overzichtstentoonstelling van zijn werk. ,,Ik hou al vijf decennia lang m’n vinger aan de pols van de tijdgeest.’’    In de Vleeshal is ergens in de jaren zeventig alles begonnen, zegt Hugo. In de Vleeshal zou daarom ook die overzichtstentoonstelling moet zijn. ,,Toen hing ik daar voor gemeenteaankopen, waarvoor iedereen mocht insturen. Ik ben niet gekocht maar heb er wel gehangen. Voor het eerst in mijn leven en dat gaf mij een enorme boost. Ik nam m’n vader mee naar de Vleeshal. Die had mij verboden naar de kunstacademie te gaan. Kunst is geen beroep, het is een hobby, zei hij. Tja, hij kon ook goed tekenen.’’ Kaagman is toen in Amsterdam sociale geografie gaan studeren. Voor korte tijd.